Tentoonstellingen Archive - Pagina 2 van 6 - Cobra Museum voor Moderne Kunst

100 years Asger Jorn

zondag 28 sep 2014 t/m zondag 18 jan 2015

Deel:

100 years Asger Jorn: Traces, The Secret of Art, A Way of Making

by Fredrique Bergholtz & Maria Pask

foto Peter Tijhuis
foto Peter Tijhuis
foto Peter Tijhuis

From the Guggenheim to the Cobra Museum

zaterdag 5 apr 2014 t/m zondag 31 aug 2014

Deel:

From the Guggenheim Collection to the Cobra Museum of Modern Art, viert een vitale fase in de geschiedenis van het Guggenheim Museum.

From the Guggenheim Collection to the Cobra Museum of Modern Art, viert een vitale fase in de geschiedenis van het Guggenheim Museum, een decennium waarin de naoorlogse moderne kunst en de samenleving radicaal veranderden. Het Cobra Museum presenteert kunst die met een vooruitziende blik door directeur James Johnson Sweeney in de jaren ‘50 voor het Guggenheim Museum werd aangekocht. Sweeney sprak van ‘tastebreakers’: kunstenaars die ‘onze artistieke grenzen openbreken en verleggen’. Een aantal van die kunstwerken was in 1959 te zien tijdens de legendarische openingstentoonstelling in het iconische gebouw van Frank Lloyd Wright.

In het Cobra Museum voor Moderne Kunst worden 51 schilderijen en sculpturen uit de collectie van het Solomon R. Guggenheim Museum, New York tentoongesteld, waarmee voor het eerst een keuze uit de kerncollectie midcentury art van het befaamde museum in Nederland te zien is. Behalve van Amerikaanse grootheden als Jackson Pollock, Mark Rothko, Willem de Kooning en Sam Francis is er ook werk van minder bekende internationale pioniers, zoals William Baziotes, José Guerrero, Conrad Marca-Relli, Georges Mathieu, Kenzo Okada, en van kunstenaars die aan CoBrA deelnamen: Pierre Alechinsky, Karel Appel en Asger Jorn.

From the Guggenheim Collection to the Cobra Museum in de media:

“Het is een spectaculaire tentoonstelling […] De noodzaak van het ‘vrij’ schilderen spettert nog steeds van de doeken.”
Trouw *****

“Niet vaak zag u uw Pollock, Alechinksy of Reinhardt zo fijn. Goed gekozen. Riant gehangen.”

Volkskrant *****

“Werken uit Guggenheim als strooigoed in Amstelveen”
Het Parool ****

‘Guggenheim naar Amstelveen’, interview met Amerikaanse conservator Tracey Bashkoff, in NRC.

 

Kamabade’s show

maandag 3 feb 2014 t/m vrijdag 14 feb 2014

Deel:

Kamabade’s De grote we hebben alles te verliezen show

Kunstenaars David Bade en Kamagurka werken twee weken in en buiten het Cobra Museum aan het Monument voor het verlies. Met een mobiele verliespost, een oude ambulance, rijdt Kamabade door Amstelveen langs de vuilstortplaats, het woonzorgcentrum, het Stadshartplein en gemeenschaphuizen om verhalen en spullen te verzamelen van Amstelveners en hun verlies. Daarmee bouwen ze vervolgens in het museum een monument. Tijdens de bouw zijn bezoekers welkom om te kijken en te delen

Ambulancier is een mooi vak!

Arnulf Rainer: Ubermaler

vrijdag 3 apr 2015 t/m zondag 27 sep 2015

Deel:
foto Peter Tijhuis

Brutal Vitality: CoBrA in handen van Bank & Rau

zaterdag 1 mrt 2014 t/m zondag 26 nov 2017

Deel:

‘Brutal Vitality’: een nieuwe totaalinstallatie in vijf verhalen waarmee Bank & Rau de bezoekers op een volstrekt unieke wijze het verhaal van CoBrA vertellen.

foto Peter Tijhuis

Het Deense kunstenaarsduo Bank & Rau (Lone Bank en Tanja Rau) uit Kopenhagen is door het Cobra Museum uitgenodigd om een eigentijdse collectiepresentatie te maken vanuit haar eigen unieke visie. De collectie van het museum, de verhalen die erbij horen en de geschiedenis van de CoBrA-beweging met bijbehorende archiefstukken zijn de bouwstenen waarmee Bank & Rau hebben gewerkt, aangevuld met eigen werk geïnspireerd op de collectie. Dit vormt samen ‘Brutal Vitality’ een nieuwe totaalinstallatie in 5 verhalen waarmee zij de bezoekers op een volstrekt unieke wijze het verhaal van CoBrA vertellen.

Foto Peter Tijhuis

Oververkoepelend gegevens in de praktijk van Bank & Rau zijn handwerk en folkloristische elementen. Door middel van het opzij schuiven van traditie en alles dat wij als vanzelfsprekend ervaren in een museum, poogt Bank & Rau de traditionele presentatie opnieuw vorm te geven.

foto Peter Tijhuis

De tentoonstelling van Bank & Rau kwam tot stand binnen het Open Collectie Programma. Het Open Collectie Programma is een onderzoek in de praktijk waarbij hedendaagse makers worden worden uitgenodigd de collectie van het museum te openen en van nieuwe impulsen te voorzien. Binnen dit programma zijn er samenwerkingen geweest met Maria Pask / Frederique Bergholtz en de Gerrit Rietveld Academie. Het programma wordt mede mogelijk gemaakt door het Mondriaan Fonds. Het Danish Arts Council, SVFK (Danish Art Workshop) en SKF (Danish Art Foundation) ondersteunen de presentatie van Bank & Rau.

Nieuwe collectiepresentatie

woensdag 1 jan 2020 t/m zondag 5 apr 2020

Deel:

Op de eerste verdieping van het Cobra museum is een nieuwe collectiepresentatie met werk van alle Cobra kunstenaars waaronder Karel Appel, Asger Jorn, Constant en Pierre Aclechinsky. De collectie wordt tot en met 5 april aangevuld met een presentatie over de Cobra kunstenaars en hun verhouding tot muziek.

foto Peter Tijhuis
foto Peter Tijhuis

 

UNSUNG by Anette Brolenius

zondag 3 mrt 2019 t/m zondag 30 jun 2019

Deel:

Anette Brolenius richt zich als portret- en documentaire fotograaf op de verbeelding van sociaal-maatschappelijke vraagstukken, met bijzondere aandacht voor emancipatievraagstukken en mensenrechten. 

foto Peter Tijhuis

In het Cobra Museum is tijdens de tentoonstelling van Kati Horna de serie UNSUNG te zien van de Zweedse fotograaf Anette Brolenius.

De Unsung-serie bevat ca 130 portretten (en groeiend), gemaakt gedurende een periode van 5 jaar. Het betreft zwart-wit portretten van vrouwenrechtenactivisten.  In het Cobra Museum worden daarvan 20 portretten getoond. Het is eerder geëxposeerd in Stockholm, Parijs en in Pakistan. De tentoonstelling is een samenwerking met het Comite International Womens Day (IWD) in Amstelveen die op 8 maart (Internationale Vrouwendag) in het Cobra Museum een symposium houden waarbij een van de geportretteerden: Peninah Musyimi of Safe Spaces Nairobi (Kenia) keynote spreker is.

Ata Kandó

zondag 3 mrt 2019 t/m zondag 30 jun 2019

Deel:

Ata Kandó: Hongaarse Vluchtelingen en Slaaf of Dood

Het Cobra Museum toont in het verlengde van het Kati Horna overzicht werk van Ata Kandó. Net zoals Kati Horna was Ata Kandó een geëngageerde documentaire fotograaf, Hongaars van origine en opgeleid door József Pécsi.

foto Peter Tijhuis

Volgens Kandó beschikt een goede foto over zowel een artistiek als een sociaal aspect en zijn de beste fotografen in staat om die twee kwaliteiten optimaal samen te brengen. Haar werk wordt enerzijds gekenmerkt door het weergeven van het persoonlijke, het intieme leven van haar kinderen en dieren. Anderzijds profileert ze zichzelf als een geëngageerde fotograaf. Met haar sociaal bewogen beeldverhalen, bijvoorbeeld van de Hongaarse vluchtelingen en bewoners van het Amazonewoud, past Kandó in de humanistische documentaire traditie van de jaren vijftig. Beiden series zijn te zien in het Cobra Museum voor Moderne Kunst vanaf 3 maart.

De van oorsprong Hongaarse Ata Kandó voltooit in de jaren dertig een opleiding fotografie in Boedapest bij de toen bekende fotograaf József Pécsi (1889-1956), die onder meer ook Eva Besnyö en Kati Horna opleidde. Hierna probeert ze samen met Gyula Kandó, haar eerste man een bestaan als fotograaf op te bouwen in Parijs. Vrouwelijke fotografen zijn in die tijd amper geaccepteerd. Ze krijgt geen werkvergunning en werkt illegaal. Oorlogsfotograaf Robert Capa, een vriend van Kandó, vindt werk voor haar bij het mede door hem opgerichte Magnum. In de donkere kamer van dit fotoagentschap ontmoet ze in 1950 de Nederlandse fotograaf Ed van der Elsken, met wie ze in 1954 trouwt. In Parijs maken ze kennis met de wereld van de Cobra-beweging en de Vijftigers, maar ook andere kunstenaars wisten de weg naar hun appartement te vinden.

In de jaren zestig en zeventig geeft Kandó vooral les in fotografie op de kunstacademie. Na haar vroege pensionering emigreert de fotograaf naar de Verenigde Staten. Hierdoor verdwijnt haar werk naar de achtergrond. In Nederland heeft Kandó niet dezelfde bekendheid genoten als haar landgenote en vriendin Eva Besnyö, waarvan in deze tentoonstelling eveneens werk getoond wordt.

Eva Besnyö: Dolle Mina

zondag 3 mrt 2019 t/m zondag 30 jun 2019

Deel:

In de jaren zeventig sluit Eva Besnyö zich aan bij Dolle Mina. In het vastleggen van de acties en demonstraties van deze vrouwenbeweging brengt ze haar vernieuwde principes in de praktijk. Hierin is te zien dat ze haar fotografische werk wil inzetten voor maatschappelijke verandering. Deze serie is in het Cobra Museum te zien in relatie tot het werk van Kati Horna en Ata Kando.

 

Foto Peter Tijhuis

In de naoorlogse periode is Eva Besnyö  betrokken bij de oprichting van de Gebonden Kunstenaars federatie (GKf) die wordt voorgezeten door de later zo bekende museumdirecteur Willem Sandberg, en is in het bijzonder verbonden aan de Vakgroep fotografie. Kort na het bombardement van Rotterdam legt ze de verwoeste stad vast. Hier blikt ze hier met schroom op terug: “Daar schaam ik me nog voor. Want het waren prachtige foto’s en over verwoestingen hoor je geen prachtige foto’s te maken.” Een foto moet volgens haar de kijker tot iets aanzetten. “Na de oorlog heb ik zelfs afstand genomen van het idee dat foto’s mooi moeten zijn. Ik had altijd alles mooi belicht en gekadreerd en ik wilde in elk geval niet verder met dat super esthetische werk.” In de jaren zeventig sluit ze zich aan bij Dolle Mina. In het vastleggen van de acties en demonstraties van deze vrouwenbeweging brengt ze haar vernieuwde principes in de praktijk. Hierin is te zien dat ze haar fotografische werk wil inzetten voor maatschappelijke verandering. Deze serie is in het Cobra Museum te zien.

Eva Besnyö, opgegroeid in een Joods intellectueel gezin in Boedapest, volgt na haar eindexamen een fotografieopleiding bij József Pécsi. Na afronding vertrekt ze op twintigjarige leeftijd naar Berlijn (net zoals Kati Horna), waar ze in fotostudio’s het vak verder leert. Als zelfstandig fotograaf maakt ze portretten en reportages, en wordt ze door het linkse persbureau Neofot ingehuurd. De opkomst van het nationaalsocialisme in 1932 belemmert haar als fotograaf te werken en Besnyö besluit Berlijn te verlaten. Ze verhuist naar Amsterdam.

In Amsterdam werkt Besnyö voor kranten en persbureaus. In de studio maakt ze portretten en foto’s van kinderen. Buiten de werkplaats maakt ze reportages en fotografeert ze architectuur. Ondanks het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog kan ze tot 1942 blijven fotograferen. Ze moet onderduiken, maar krijgt een vals persoonsbewijs waarop haar Joodse achtergrond niet staat vermeld.

Eugène Brands: van huiskamer tot heelal

zaterdag 20 jan 2018 t/m zondag 27 mei 2018

Deel:
  • Voor het eerst: een groot retrospectief van Eugène Brands, met meer dan honderd werken
  • Brands creëerde een rijk en breed oeuvre rondom diverse thema’s als de kindertekening, het ‘panta rhei’-principe en het universum
  • Brands was de initiator van de eerste, roemruchte CoBrA-tentoonstelling in het Stedelijk Museum Amsterdam in 1949
foto Peter Tijhuis

In 2018 was Eugène Brands: van huiskamer tot heelal in het Cobra Museum te zien. Het omvangrijke overzicht – met meer dan honderd werken – is een reis langs de diverse periodes van Brands’ oeuvre, beginnend in zijn huiskamer en eindigend in het heelal. Daarbij komen onder meer aan bod: Brands’ surrealistische werk uit de jaren ’40, de CoBrA-periode, de kinderlijke figuratie van de jaren ’50, en zijn abstracte werk rond zowel aardse als kosmische thema’s.

Eugène Brands trok zich het liefst terug in de vertrouwde omgeving van zijn atelier aan huis. Hier creëerde hij zijn eigen microkosmos waarbinnen hij zich omringde met zijn belangrijkste inspiratiebronnen, waaronder wereldmuziek, etnografica en kennis over het heelal. Vanuit deze huiselijke omgeving reflecteerde Brands – aan de hand van zijn werk – op de macrokosmos en de daaraan gerelateerde existentiële vragen over het bestaan.

Brands was slechts een korte tijd betrokken bij CoBrA. In zijn CoBrA-periode liet Brands de surrealistische elementen in zijn werk achter zich en schilderde hij in een vrije, (lyrisch-)abstracte stijl. Het vervaardigen van gouaches en grote olieverfdoeken wisselde hij af met het maken van ‘reliëfs’ van beschilderd hout en gevonden materialen. Zijn interesse in volkskunst en in het surrealisme deelde hij met de andere CoBrA-leden.

Geïnspireerd door zijn CoBrA-periode en zijn dochtertje Eugénie, die rond deze tijd begon met tekenen, begon Brands in 1951 met het maken van figuratief werk met een opvallend kinderlijke beeldtaal. Het was de kinderlijke argeloosheid in kindertekeningen die hem aansprak, maar ook het vreemde en het soms onheilspellende. Hij verlangde ernaar om zich op zo’n zelfde onbevangen manier uit te drukken.

Brands raakte halverwege jaren 60 geïnspireerd door het landschap, de natuur en het mysterie daarvan. Vanuit deze onderwerpen in zijn schilderkunst wist hij ook zijn daarnaast lang bestaande fascinatie voor de kosmos, de planeten en sterren weer opnieuw een plek in zijn oeuvre te geven. Het ‘panta rhei’-principe van de Griekse filosoof Heraclitus stond hierbij centraal: oftewel het idee dat alles stroomt, alles beweegt en alles oneindig is. Dat resulteerde onder meer in grote, abstracte werken die meer ruimte gaven voor existentiële overdenkingen.

foto Peter Tijhuis

De tentoonstelling Eugène Brands: van huiskamer tot heelal is samengesteld door het Cobra Museum in samenwerking met Eugénie Brands en de Stichting Eugène Brands. Er zijn bruiklenen van onder meer Christian Ouwens Collectie, T.S. Okker, en de Collectie Kok – van den Leuvert.

Deze en andere collectioneurs staan centraal in het door de stichting Eugènie Brands en auteur Ruud Lapré geïnitieerde en door 99 Uitgevers/Publishers uitgegeven boek: 10 x verzameld. Het boek wordt op de dag van de tentoonstellingsopening gepresenteerd, op 19 januari in het Cobra Museum. Het boek is onder meer te koop in de winkel van het Cobra Museum.

In de pers:

‘Alle lagen van Brands’, in Het Parool. Artikel over Eugène Brands en de expositie. Zie Blendle.

‘Eerste retrospectief an Cobra-schilder Eugène Brands. Artikel over de expositie/interview met dochter Eugénie Brands, in de Telegraaf. Zie Blendle.

‘Nevelsluier’. In De Groene Amsterdammer. Artikel over de expositie. Lees op de site van het tijdschrift of via Blendle.